Port

Een van de bekendste exportproducten van Portugal is port, een versterkte wijn. In de Europese Unie mag alleen versterkte wijn uit de Dourovallei in Portugal deze naam dragen. Van oudsher wordt port verscheept vanuit Porto. De wijngaarden liggen op de oevers van de rivier de Douro, die hier op sommige plaatsen zo steil zijn dat de wijnranken op terrassen zijn aangeplant.

De meeste port wordt samengesteld uit wijnen van verschillende oogstjaren, om een evenwichtige blend te krijgen. Uitzonderingen zijn onder meer vintage port en colheita, die van een enkel oogstjaar komen. De bekendste soorten zijn ruby en tawny. Daarnaast is er witte port, die van witte druiven wordt gemaakt, en sinds een aantal jaren ook roséport.

Wie Porto bezoekt, mag een bezoek aan een porthuis niet overslaan. De bekende porthuizen liggen aan de overkant van de Douro, in Vila Nova de Gaia. Tijdens een rondleiding door de kelders leer je hoe port wordt gemaakt en gerijpt, en aan het einde mag je meestal enkele soorten proeven. Voor zo’n rondleiding betaal je tegenwoordig vaak een entreeprijs, afhankelijk van het porthuis en het aantal soorten dat je proeft.

Vasco da Gama

Diplomatie valt niet te ontdekken

Tegenwoordig doen landen veel moeite om diplomatieke betrekkingen zo vreedzaam en respectvol mogelijk te laten verlopen. Respect, begrip en verdraagzaamheid zijn gevleugelde woorden in de wereld van de buitenlandse betrekkingen. Een staatshoofd zal op staatsbezoek dan ook niet aankomen met een paar goedkope hoeden als geschenk. Hoe anders was dat aan het einde van de vijftiende eeuw, toen de Europeanen zich nog ver verheven voelden boven andere volken. Toen de Portugese ontdekkingsreiziger Vasco da Gama in 1497 en 1498 langs de kust van Afrika voer, op weg naar Calicut in India, was er weinig plaats voor diplomatie. Schepen die de Portugezen tegemoet voeren, liepen het risico te worden overvallen. De bemanning werd gevangengenomen en pas vrijgelaten als aan de eisen van de Portugezen was voldaan. Ook onwetendheid speelde de expeditie parten. Toen de Portugezen in India aankwamen, dachten ze volgens de overlevering dat de hindoes christenen waren, en zagen ze het beeld van een hindoegodin aan voor Maria.

Hoewel er bij Vasco da Gama weinig diplomatie te ontdekken viel, moest hij toch al zijn kunsten uit de kast halen om met specerijen aan boord terug te kunnen keren. De Arabische en andere islamitische handelaren, die al eeuwenlang de specerijenhandel met India beheersten, zaten niet te wachten op de komst van de Portugezen. Dat zou hen handel kunnen kosten. En hoewel Vasco da Gama de vorst van Calicut slechts eenvoudige geschenken aanbood, zoals stof, hoeden en honing, lukte het hem uiteindelijk om met een lading specerijen naar Portugal terug te keren. Daarmee opende hij de zeeroute voor de handel met Azië. De Portugezen worstelden nog lang met het stichten van koloniën in Azië, maar op zee waren ze lange tijd oppermachtig.