Petra bezoeken

Petra ligt Monumentale gevel met zuilen en een ronde bovenbouw, uitgehouwen in een okerkleurige rotswandin het zuiden van Jordanië, tussen de Dode Zee en de Rode Zee, naast het stadje Wadi Musa. Het was de hoofdstad van de Nabateeërs, een Arabisch handelsvolk dat rijk werd aan de karavaanroutes voor wierook, specerijen en zijde. Ze hakten hun tempels en graven uit de rode zandsteen en legden een ingenieus systeem van kanalen en reservoirs aan, waardoor er in deze droge vallei tienduizenden mensen konden wonen. In 106 na Christus werd Petra ingelijfd door het Romeinse Rijk, en na een zware aardbeving en het verleggen van de handelsroutes raakte de stad in verval. Sinds 1985 staat Petra op de werelderfgoedlijst van de Unesco, en in 2007 werd het gekozen tot een van de nieuwe zeven wereldwonderen.

Van de Siq naar het Klooster

Vanaf het bezoekerscentrum loop je eerst ongeveer 800 meter over een open pad en daarna door de Siq, een kloof van 1,2 kilometer met wanden die op sommige plekken bijna samenkomen. Aan het eind verschijnt de Schatkamer, Al-Khazneh, de bekende gevel van bijna 40 meter hoog. Daarachter wordt het dal breder, met de Straat van de Gevels, een Romeins theater, de Koningsgraven in de rotswand en de colonnadestraat in het oude centrum. Het verste hoogtepunt is het Klooster, Ad-Deir, met een gevel van 45 meter hoog en 50 meter breed. Je bereikt het via zo’n 800 traptreden, een klim van ongeveer een uur. Wie alles wil zien, loopt op een dag al snel 15 tot 20 kilometer.

Kaartjes en de Jordan Pass

Voor buitenlanders die in Jordanië overnachten kost een dagkaart 50 Jordaanse dinar, twee dagen 55 en drie aaneengesloten dagen 60 dinar. Je betaalt contant en toont je paspoort. Dagjesmensen die niet in het land overnachten, bijvoorbeeld vanuit Eilat, betalen 90 dinar. Voordeliger is de Jordan Pass, die je vooraf online koopt: voor 70 tot 80 dinar krijg je toegang tot Petra voor een, twee of drie dagen en tot ruim veertig andere bezienswaardigheden. Wie de pass voor aankomst koopt en minimaal twee nachten in het land blijft, hoeft bovendien het visum van 40 dinar niet te betalen. Een paar avonden per week is er Petra by Night, waarbij de Siq en de Schatkamer met kaarsen worden verlicht; daarvoor koop je een apart kaartje.

Erheen

Vanuit Amman rijd je in ongeveer drie uur over de Desert Highway naar Wadi Musa, of in vier uur en meer over de bochtige King’s Highway, langs de kruisvaardersburcht van Kerak en de canyon van Wadi Mujib. Vanuit Aqaba is het ongeveer twee uur. Ga vroeg op pad, want dan is het in de Siq nog rustig en koel. In het voorjaar en het najaar is het weer het aangenaamst.

Keer terug naar de pagina over Jordanië