In het toenmalige Verenigd Koninkrijk der Nederlanden, in het huidige België, vond een van de beroemdste veldslagen uit de geschiedenis plaats: de Slag bij Waterloo. Deze slag werd op 18 juni 1815 uitgevochten en betekende het definitieve einde van Napoleon Bonaparte. Zijn leger werd verslagen door een Brits-Nederlands-Duits leger onder de hertog van Wellington en het Pruisische leger van veldmaarschalk Blücher. In de nacht voor de slag had het zo hard geregend dat Napoleon de aanval uitstelde tot de grond wat was opgedroogd. Ook daarna bleef de drassige grond een probleem, omdat de kanonskogels niet terugstuiterden en daardoor minder schade aanrichtten. Gaandeweg ging er steeds meer mis aan Franse kant. Zo viel de cavalerie zonder steun van de infanterie aan, waarbij veel ruiters sneuvelden. Na zware gevechten, onder meer in het dorp Plancenoit, en de komst van de Pruisen werden de Fransen verslagen en vluchtte Napoleon naar Parijs. Daar moest hij afstand doen van de troon. De Britten verbanden hem naar het eiland Sint-Helena, waar hij in 1821 overleed. Bij de Slag bij Waterloo vielen naar schatting zo’n 50.000 doden en gewonden.
De slag wordt regelmatig nagespeeld door re-enactors in historische uniformen, met grote reconstructies rond de jubilea. Op het slagveld werd een grote kunstmatige heuvel aangelegd met daarop een bronzen leeuw. Vanaf de top kun je het terrein overzien waar de slag plaatsvond. Jammer genoeg werd voor de aanleg van deze heuvel zoveel grond afgegraven dat het oorspronkelijke landschap flink is veranderd.
